Samen met “de jongens” fietsen we om 8.00 uur in vliegende vaart
langs de door hen uitgestippelde route naar het vliegveld. Een van de jongens
heeft er behoorlijk de gang erin. Henk is meestal een rustige starter en wanneer
ik achterom kijk en Henk z’n zijn betrokken gezicht zie, begint de lach
al weer te kriebelen. Gelukkig hebben we de fietskleren aan, en heb ik de reiskleren
zodanig ingepakt, dat we straks zonder veel gezoek schone kleren aan kunnen
trekken.
Het eerste stuk, kennen we al maar daarna slaan we, na de zeer exclusieve golfbaan,
een weg links in, die als doodlopend aangeduid staat. We gaan over een viaduct
en even later verandert de asfaltweg in een goed befietsbaar zandpad. Na wat
gekronkel komen we weer op asfalt en in St. Juliàn zien we een verwijzing
naar het vliegveld; direct linksaf en óver de gevaarlijke N340. De weg
naar het vliegveld, nog zo’n 2 kilometer, is niet druk en zonder in de
problemen te zijn geweest, staan we met fiets en al in de vertrekhal.
De jongens gaan op zoek naar hun fietsdozen die ze ergens bij het vliegveld
in de struiken hebben gegooid. Henk begint de fiets te ontdoen van uitstekende
delen, zoals pedalen, bar-ends, spiegels en zadel op de laagste stand. Dan wikkelen
we de fiets in plastic vuilniszakken en plakken alles goed vast met tape. De
kwetsbare delen beschermen we extra met geperst papier bestemd voor bescherming
van meloenen, dat we gisteren gevonden hebben bij afval. De jongens helpen ons
de fietsen naar de speciale incheckplek te brengen voor grote bagage. Daar loopt
het niet helemaal soepeltjes. Henk zijn fiets blijft in de overkapping van de
bagageband klemmen. Er moet eerst een monteur opgetrommeld worden om de fiets
weer vrij te maken en de transportband opnieuw aan de praat te krijgen. Ook
dit lukt gelukkig.
Ik verzorg het organisatorische gedeelte rond de bagage. Fietstassen in de Turketassen,
handbagage apart. Helaas helaas, één klein foutje. We hebben de
onderdelen en het gereedschap om de fiets weer in elkaar te zetten ook in de
handbagage gedaan. We wisten wel dat dat niet mag, maar even is het koppie er
niet bij geweest.
Henk wordt aangehouden door de douane en mag terug om ook deze fietstas in te
checken. Helaas is de rij nu veel langer voor de incheckbalie, zodat we wel
een half uur in de rij moeten staan. Wanneer we opnieuw door de douane gaan
wordt Henk weer tegengehouden. Nu is het zijn fotocamera, maar nadat hij deze
door de scan heeft gedaan, mogen we door. Hè, hè.
We hebben een prima vlucht, een wolkenloze lucht, een prachtig gezicht. Op Schiphol
is het even wachten op de fietsen. We zijn erg benieuwd of ze schadevrij de
reis hebben overleefd. Wanneer we ze overhandigd krijgen, is bij Henk het achterlicht
los en bij mij ligt het voorwiel er half uit. Dit is te overzien.
Henk sleutelt de fietsen weer in elkaar, ik hang de tassen op de fiets, we gaan
naar de trein en kunnen meteen instappen in de gereedstaande trein, een rechtstre
ekse
verbinding naar Apeldoorn.
Heel onwezenlijk fietsen we daarna over de Arnhemseweg naar Beekbergen. We
zijn thuis. Er lijkt niks veranderd, de poes is sacherijnig, zoon Stef komt
zo patatje eten.
Ik voel me ontheemd en denk: “laat me alleen even de was doen, één
keer in mijn bed slapen, even mijn vrienden horen en zien en dan wil ik morgen
wel weer weg”. Het zijn geen serieuze gedachten. Het gareel roept weer.
De volgende dag is het prachtig weer, nog 30 graden en in een mum van tijd hebben we de tent en bijbehoren schoon en opgeborgen. We drinken even koffie in de tuin en ik kan het niet laten; even later liggen de kaarten van Spanje weer op tafel. De Zilverroute lokt. De bedevaartsroute van Sevilla naar Santiago de Compostela. Zou hij ook zo zwaar zijn? We gaan dat volgend jaar juni onderzoeken.