Om negen uur hebbben we ons
hele hebben en houwen op de fiets gesjord en na te hebben afgerekend gaan we
ontbijten aan het strand. Muesli en melk. Daarna vertrekken we richting Figueras,
een prachtige route over de uitlopers van de Pyreneeën. Het is een ruig
landschap, met zo af en toe een doorkijkje op
Rosas en de zee, welke steeds dieper komen te liggen. We stijgen gestaag,
maar omdat we de weg kennen van vorig jaar, toen we zonder bepakking naar Figueras
zijn gefietst, zijn er punten van herkenning, waar we steeds naar toe kunnen
fietsen. Dat de weg steil is weten we ook, regelmatig stukken van 9%, maar het
fietst lekker. Natuurlijk volgt er weer een afdaling richting La Selva del Mar.
Het is minder steil dan de klim en gaat dus langer door. Doordat we de snelheid
redelijk onder controle kunnen houden, is het mogelijk om tijdens het dalen
van het prachtige landschap te genieten. Na de koffie in La Selva fietsen we
soms dalend, dan weer venijnig klimmend over de rotsige kustweg. Na El port
de Llana begint de werkelijke klim over de uitlopers van de Pyreneeën naar Franca.
Het zijn merendeels hellingen van 9% met uitschieters naar 10%. Vooral als we
door een dorpje fietsen, moeten we eerst weer een pittige aanloop nemen en cadans
zoeken voor de regelmatige steile klim die er op volgt. Het zijn geen
vervelende klimmen; het percentage blijft redelijk constant zodat er niet geschakeld
hoeft te worden als je eenmaal een goed ritme hebt gevonden. Ech
ter met de top in zicht
sommeert mijn lichaam tot onmiddellijk afstappen. Hongerklap. Ik voelde
het al wel knagen, maar wilde zo graag nog even die laatste 500 meter fietsen.
Al wil de geest nog wel door, ook hier is het lichaam weer de baas. Er worden
een paar mueslirepen tegenaan gegooid, het trillen neemt af en na 5 minuten
stroomt er weer energie door het lichaam en kunnen we de route vervolgen. Nog
één bocht en we zijn op de top, denken we. Dachten we dus, want na een afdaling
naar Port Bou, waar we vlak voor het plaatsje stoppen op een mooi uitzichtspunt,
zien we aan de overkant na Port Bou de weg weer omhoog serpentineren. We
nemen de tijd voor het eten van een stokbroodje, maken een praatje met 'bewonderaars'
en wanneer zij zijn opgestapt op hun motor of in hun camper, beginnen wij aan
het vervolg. We komen bij de grenspost met Frankrijk, waar nog aangegeven staat
dat je er geld kunt wisselen. Mochten we gedacht hebben dat de grenspost boven
op de berg zou liggen, dan wordt ook deze illusie ons weer ontnomen. We gaan
wel dalen, maar moeten toch ook regelmatig weer klimmen. Dit gaat door tot Collioure. Maar
voor Port Vendres maak ik nog een hachelijk moment mee. Het is inmiddels veel
drukker geworden en wij fietsen tussen het verkeer over een 2-baans weg, met
aan onze kant een hoge betonnen vangrail en aan de andere kant van de weg rotsen.
We merken gelijk dat we in Frankrijk zijn; Fransen zijn veel ongeduldiger in
het verkeer en nemen meer risico's. Zo ook de grote kiepauto, die vlak voor
een onoverzichtelijke bocht ons gaat inhalen. Natuurlijk komt er een tegenligger
om de bocht. Er is nauwelijks ruimte en overgeconcentreerd probeer ik het stuur
goed recht te houden; niet met de fietstassen de betonrand te raken. Uit mijn
linkerooghoek zie ik de grote wielen van de vrachtauto vlak naast me. Wanneer
er daarna een inham is waar we even kunnen stoppen, komen de bibbers. In Port
Vendres kunnen we gelukkig de drukke N-weg verlaten en fietsen we over een B-weg
via Collioure naar Argeles Plage, het Valkenburg van de Zuidfranse Middellandsezeekust.
Nadat we de tent hebben opgezet, wandelen we eerst voor een een biertje naar
de boulevard. Nadat de dorst is gelest gaan we op verkenning en lopen door 2
rijen winkelstraat met alleen kleding en souvenirszaakjes en restaurant aan
restaurant. Aan het eind van de boulevard is een permanente kermis. Afschuwelijk
eigenlijk en in groot contrast met de binnenlanden van Spanje. Maar we geven
ons over en eten de heerlijkste pizza die ik tot nu toe in deze vakantie heb
gehad. Het is in Argeles veel warmer dan in Rosas en voor het eerst kan ik mijn,
de hele vakantie meegesleepte rok
aan.