Covarubias - San Estoban
de Gomaz 104 km
We vervolgen onze weg door
Parc Desfiladero de la Yeclo , een natuurpark met diepe rotskloven.
Voor ons betekent het pittig klimmen, waarna we op een hoogvlakte komen.
Even later fietsen we onder het wolkendek uit en de regenjassen
en de lange broek kunnen opgeborgen. De hoogvlaktes worden soms weer afgewisseld
d
oor kloven. Het gebied
wordt steeds eenzamer. We zijn dan ook in de provincie Soria aangekomen,
een dunbevolkte streek, met ontvolkte dorpjes; 10 inwoners per km2 vertelt het
boekje ons. Wanneer we weer in zo'n
half vervallen dorpje om
ons heen staan kijken, vragen we een oud vrouwtje of het water uit de pomp drinkbaar
is. Zij heeft de dag van haar leven; ze heeft met Olandas gepraat. Nou ja gepraat,
ze revelt maar door en we begrijpen dat uit de pomp hetzelfde water komt
als bij haar in huis. Het gesprek duurt zeker 10 minuten en we si-en en ja-en
en knikkend begrijpend. Wanneer het uiteindelijk lukt om te ontsnappen,
fietsen we snel door, niet al te goed om ons heen kijkend. Dat zal ons later
opbreken, maar dat weten we pas 9 kilometer later. Wanneer we al zwoegend
tegen de harde wind in, vals plat natuurlijk, een dorpje uitrijden, meent
een hond, meer lijkend op een geel kalf, dat hij ons eens van dichtbij moet
bewonderen en vooral de van zonnebrandcreme en zweet glimmende kuiten even
moet besnuffelen. Met grote halen komt hij al bouwouwend aangerend. Ik
fiets als een gek, al zal dat, als de hond mijn kuiten perse zou willen proeven, geen
enkele zin hebben. Henk brengt de dogchaser in stelling, laat
de hond zoals in de gebruiksaanwijzing staat aangegeven, tot op 5 meter naderen,
drukt op de knop en hond staat ineens roer-en geluidloos stil. Ik durf achterom
te kijken en he
t is een heel vreemd gezicht. Het grote
beest staat stokstijf midden op de weg ons na te staren. De opluchting
duurt maar zo'n 5 km lang, want een poos later ontdekken we dat we verkeerd
zitten. Ik inspecteer eerst de kaart eens of er een andere mogelijkheid
is om weer op de route te komen. Helaas, het blijkt dat er maar één mogelijkheid
is, weer langs die hond. Met hoge snelheid, nu wel eens een keertje voor de
wind, maar met kloppend hart proberen we geluidloos langs de hond te fietsen
die weer in de berm ligt. Natuurlijk zullen we niet aan zijn aandacht ontkomen,
maar tot onze verwondering blijft de hond liggen met zijn voorpoot over zijn
ogen. Hij wil ons duidelijk niet zien. Vlak bij het huis waar we eerder met
het watervrouwtje hebben staan praten staat de verwijzing naar de richting die
wij moeten volgen: San
Estoban de Gomaz . We hebben gelezen dat er geen camping is en gaan opzoek
naar een hostal. We zien wel het in het boekje genoemde veld met houten huisjes,
waar niet gekampeerd mag worden, maar toch gaan we even kijken. Bij navraag
blijkt dat het nog steeds niet mag, maar wel kunnen we voor een nacht
een huisje huren. Even later sta ik dus de was te doen in ons huisje; we hebben een
eigen douche, ik kook in het keukentje, wat we opeten op de veranda. Slapen
doen we in een spaanse twijfelaar; smal bed, spiraalvering met lichte kuil;
we slapen prima .