Andalusië per fiets 2005
Brief aan Raúl González
Voor het laatst bijgewerkt op
5-08-2005
|
Home
Inleiding
Trajectgegevens
|
Dinsdag 31 mei Guadix-Laroles
Over de top

Heerlijk geslapen. Als je al geluid hoorde leek het van heel ver. Na
het ontbijt in de gezellige leefkamer, fietsen we geleidelijk stijgend
het stadje uit, jouw beschrijving volgend. Dus met een onverharde weg in
het vooruitzicht en eigenlijk houden we daar niet van. Als we bij dat punt
aankomen, het gravelpad naast de snelweg, valt het ons ontzettend mee.
Het is prima te doen en wat lekker rustig zo door de vlakke landen. Ik
geniet van de bermbloemen. Al van verre zien we op een kale hoogte het
s ilhouet
van het kasteel van La Carahorra. Steeds dichter komt het bij; en misschien
juist omdat wij over een pad door het kale landschap steeds dichter naderen,
gaat het erg tot de verbeelding spreken. Wat heeft hier plaatsgevonden
in deze streng ogende vesting met z'n vier torens (Volgens de boeken valt
dat wel mee. Het is gebouwd in 1506 toen de Reconquista al voltooid was).
Even later rijden we het dorpje La Calahorra in - en weer uit. De klim over
de Sierra Nevada via de Puerto de la Raga (2000 mtr) naar Las Alpujarras
ligt op ons te wachten. Deze 15 km. lange klim begint eerst met een stijging
van zo'n 7%; later regelmatig 8 à 9, niet één keer een
kleine daling voor een adempauze. Vastbijten dus; happetap. We kunnen met moeite
een plekje vinden om te lunchen; aan de ene kant is een rotswand, de andere
kant een afgrond. Niet ver van de top lukt het toch, al zitten we op een schuine
helling en moet de regenjas ter bescherming tegen de frisse wind er bij aan.
Ongeveer een kilometer verderop ontdekken we op de top een grote picknickplaats
met banken. Je kunt nu eenmaal niet alles weten, maar de lezer van dit verhaal
nu dus wel. Boven gekomen concluderen we: mooie pittige klim.
Dan 14 km dalen bij 15 graden. De regenjassen gaan weer aan; nog hebben we
het erg koud.
Vlak voor Laroles moet een camping zijn en we vinden de aanduiding bij een
iets vervallen bar. We zien niet echt iets dat op een camping lijkt. Het is
een steil betonpad naar beneden en Henk gaat lopend op onderzoek uit. Hij vindt
niks. Ik ga voor alle zekerheid ook nog even speuren en helemaal in de diepte
zie ik een zwembad en huis. Ook zie ik houten bungalows. We lopen met de fiets
naar beneden en komen zo'n honderd meter verder op een vlak terrein, waar een
paar onbewoonde caravans staan. We melden ons bij het restaurant en worden
vriendelijk geholpen een plekje te zoeken op het lege terrein. Keurige camping,
keurig toiletgebouw, groot zwembad, nu nog niet in gebruik. Ook het restaurant
is nog niet open. We wandelen even later door een hek op de camping naar beneden
naar het stadje. Wat ligt dat steil tegen de rotsen aangeplakt. Echt een leuke
eetgelegenheid of bar zien we niet; dan maar naar de supermarkt. Gekoeld biertje
vooraf met wat aceitunas, creatief koken op mijn eenpitter is best leuk, wijntje
erbij dat is gekoeld in het zwembad, straks lekker slapen op het smalle matrasje
met het hoofd op een opblaaskussentje van 30 x 20 cm. Wat kan een mens zich
nog meer wensen.
Raúl, heb jij wel eens gekampeerd eigenlijk? Heeft echt z'n charme.
|